Hoe Sir Tim Berners-Lee en John Bruce met Inrupt de oorspronkelijk visie voor het web willen waarmaken

Het web heeft een verkeerde afslag genomen, stelt de uitvinder ervan, Sir Tim Berners-Lee. Reden om te proberen het world wide web met zijn nieuwe bedrijf Inrupt te kantelen naar zijn oorspronkelijke visie. De crux daarbij is gebruikers weer eigendom te geven over hun data.
In persoonlijke datakluizen – of Pods, zoals Inrupt ze noemt – ziet hij de oplossing. De BBC zet ze al in, bij de Vlaamse overheid staat het in de steigers en ook de eerste retailers zijn ermee aan de slag. “We zien dat commerciële partijen hun relatie met de consument willen veranderen”, zegt Inrupts CEO en medeoprichter John Bruce.
Bruce en Berners-Lee kwamen elkaar in 2017 tegen, waarbij die laatste zijn visie voor het web, zoals hij het ooit bedacht had, uitlegde. Een plek waar gebruikers de touwtjes in handen hebben in plaats van bedrijven. Niet dat bedrijven geen rol mogen spelen, maar een gedeeld belang moet centraal staan. Fast forward naar het heden biedt Inrupt wat zij zelf noemen Solid Pods aan: virtuele kluizen voor persoonlijke gegevens waarover de houder controle heeft. Wanneer gegevens in iemands Pod zijn opgeslagen, bepaalt deze persoon welke mensen en applicaties er toegang toe hebben. Om gegevens in de Pod op te slaan en te openen, gebruiken toepassingen de door Inrupt ontwikkelde standaard, open en interoperabele gegevensindelingen en -protocollen. Solid, zoals het achterliggende framework wordt genoemd, ondersteunt ook het opslaan van Linked Data. Data structureren als Linked Data betekent dat verschillende applicaties met dezelfde data kunnen werken.
Alles bij elkaar gaat het om een prototype van een nieuwe manier om het web te heroriënteren, stelt Bruce. Niet door een totaal nieuwe vervanger te bouwen, maar door een extra laag te leggen over wat al bestaat. De tweede versie hiervan – “die ‘true production grade’ is” – is afgelopen jaar gereleaset. Volgens Bruce werken verschillende overheden en commerciële bedrijven ermee. Zo zal Solid de standaardmanier van werken worden voor sociale voorzieningen in Vlaanderen. “Tegen het einde van dit jaar of het begin van volgend jaar moeten de eerste burgers daar gebruik van kunnen maken.” En ook met het Verenigd Koninkrijk, Zweden, Slowakije en Zuid-Korea lopen gesprekken.
De BBC is een van de eerste mediaorganisaties die met de technologie aan de slag is gegaan, voor het Watch Party-product, waarbij kijkers samen programma’s kunnen kijken en met elkaar chatten zonder bij elkaar te hoeven zijn. Alle conversaties en de implicaties daarvan blijven binnen de Pods. Door de data van iedere persoon in een persoonlijk kluisje te doen, kan iemand zelf aangeven wat de BBC ermee mag doen. Waarbij de broadcaster de gegevens vooral inzet om betere suggesties te doen. Hoewel het zich nog in een vroege fase bevindt, maakt dat het ook mogelijk om je profiel en voorkeuren mee te nemen naar andere streamingplatformen, als deze daarvoor openstaan. Een gepersonaliseerde én ingestemde ervaring. Bruce refereert aan een test die gedaan is, waarbij de BBC op basis van iemands luistergedrag op Spotify suggesties deed voor concertregistraties van favoriete artiesten. En zo zouden ze iemand ook informatie over financiële hulp kunnen voorstellen op basis van financiële data die hij deelt, suggereert Bruce.
De commerciële bedrijven waarmee gewerkt wordt, willen volgens hem eigenlijk allemaal hun relatie met de consument veranderen en hen bij laten dragen aan de service die ze bieden. Refererend aan retail: op het moment dat je de winkel verlaat, kan de retailer iemands Pod laden met informatie in relatie met wat hij gekocht heeft. Denk aan handleidingen, installatievideo’s en garantiebewijzen. “Normaal gesproken moet je dat soort zaken allemaal zelf bij elkaar zoeken; dus ze op één plek beschikbaar krijgen, is waardevol, en je bent eerder geneigd om terug te gaan naar die winkel.”
AVG
Voor commerciële bedrijven ziet Bruce het pad van use case naar use case, voor overheden ligt het anders. “Overheidsorganisaties hebben allemaal hun eigen silo en kunnen eigenlijk in één keer over naar een centraal systeem.”
“Onze rol is die van een soort ‘bemesters’, waarbij we de kennis die opgedaan wordt in één domein meenemen naar het volgende en ze helpen ermee aan de slag te gaan.” Anders gesteld liggen er volgens Bruce zeker kansen in de eerste toepassing van de Pods, maar zal de echte waarde zich laten zien als er een netwerkeffect optreedt. “Het is jouw data en die zou niet beperkt moeten zijn tot alleen je verzekerings- of gezondheidsdata, maar alles wat je maar wilt.”
Het is een ultiem voorbeeld van hoe de good guys kunnen winnen, vervolgt hij. “Je hoeft geen grote, gemene organisatie te zijn en misbruik te maken van mensen om je business te laten groeien. Er is een wederzijds voordeel.”
Een ander beeld dat geschetst wordt, vanuit gebruikersperspectief, is met één klik aan alle bedrijven die iemand maar wil laten weten dat hij verhuisd is of dat hij een nieuw bankrekeningnummer heeft. Wat kan, omdat de data niet meer bij allerlei partijen zelf opgeslagen ligt, maar centraal in de persoonlijke kluis, waaruit organisaties kunnen putten.
Door een Pod te gebruiken, hebben bedrijven de kans om met elkaar samen te werken en innovatieve proposities te ontwikkelen zonder te hoeven overleggen over hoe ze databases moeten samenvoegen of tricky API’s moeten optuigen, stelt Bruce. “Diensten die waarde leveren aan consumenten, en waar ze graag een vergoeding voor betalen. Dat soort microkosmos is het beeld dat wij voor de toekomst hebben.”
Er wordt daarvoor niet alleen software geleverd. Ondersteuning door security- en privacy-experts is van groot belang, aldus Bruce. “We zorgen dat overheden en bedrijven het in kunnen passen met het oog op de AVG en andere richtlijnen.”
Binnensluipen
Zoals bij de BBC al aangestipt, ligt er ook een kans in de operabiliteit. Zo wordt in de zorg al jaren gewerkt aan het toegankelijk en overdraagbaar maken van patiëntgegevens – met wisselend succes. Een behoefte waar met de Pods duidelijk op in wordt gespeeld. Maar ook in de commerciële wereld wordt al langer gekeken naar het mee kunnen nemen van (profiel)gegevens. Onder andere bij marketplaces en social media. Zo is het denkbaar dat iemand niet langer een foto uploadt naar Facebook en deze daar opgeslagen ligt, maar het socialplatform toegang krijgt tot de foto in de Pod en hem van daaruit kan laten zien. Zodat diezelfde foto ook op andere kanalen zichtbaar gemaakt kan worden als de gebruiker dat wenst. En, wellicht nog belangrijker, hij deze ook weer eenvoudig kan verwijderen of afschermen.
De visie en werkwijze lijken de grote dataverzamelaars van nu buiten spel te zetten, maar zo nauw moeten we het volgens Bruce niet zien. “De meeste bedrijven willen helemaal geen databedrijf zijn, maar zich richten op hun kerntaken: een product of dienst leveren tegen een vergoeding.” Over Google en socialmediaplatformen – het soort bedrijven dat dataverzameling en monetization wel als core business heeft – zegt hij dat zij zich simpelweg moeten aanpassen aan nieuwe omstandigheden. Hij verwijst naar het Data Transfer Project waarmee onder andere Google, Microsoft en Facebook data transporteerbaar wilden maken. Daarbij speelde de gedachte bij Google op dat er een onafhankelijke partij nodig is die de data beheert en zij in contact traden met Inrupt, stelt Bruce. “Het zijn hele slimme bedrijven die echt wel inzien dat je moet veranderen als de tijd erom vraagt.”
Het werpt de vraag op welke impact dit op adverteerders kan hebben. Momenteel kunnen zij immers nog vrijelijk data inkopen om daarmee hun publiek te targeten. Wat de gevolgen zijn, lijkt nog niet helemaal duidelijk. Bruce houdt het erop dat de relatie prettiger wordt. “Onlangs zei iemand dat wij met ‘zero party data’ werken. Daar moest ik even over nadenken, maar diegene bedoelde dat het dus mogelijk is dat gebruikers je vertellen waar ze in geïnteresseerd zijn en dat zij de intentie hebben om je product te kopen. Als je die oprecht behandelt, heb je een kans die veel waardevoller is dan een reguliere lead.” Anders gesteld: “Als je wilt weten of ik iets van jou wil kopen, ga dan een waardevolle relatie met me aan in plaats van te proberen ergens mijn dag binnen te sluipen.”
Op de vraag wanneer en hoe het grote publiek de impact van Solid gaat merken, reageert Bruce dat het zich in veel gevallen onder de motorkap zal afspelen en gebruikers er dus niets van zullen merken. Net zoals je niet weet of een bedrijf in zijn backend werkt met SAP of een andere aanbieder. “Een partij als de BBC communiceert er echter wel duidelijk over dat ze met ons werken en wat dat inhoudt. Vanuit de gedachte dat dit het gebruik van hun dienst vergroot. Ook dat helpt om het web weer de juiste kant op de sturen.”
Web 3.0
Inrupt krijgt vaak de vraag of Solid Web3 is. Nee, stellen Berners-Lee en Bruce resoluut. Die term slaat volgens hen op marketingdoeleinden voor blockchaintoepassingen. En hoewel blockchainprotocollen hun toepassing hebben, zijn die niet gunstig voor Solid. Want, in Berners-Lee’s woorden, ze zijn te duur, te traag en publiek. En daarmee het tegenovergestelde van wat je wilt voor de wereld. Zeker wanneer het persoonlijke data betreft, die iedereen in theorie in kan zien als deze op een publieke blockchain opgeslagen wordt.
Wat volgens de oprichters van Inrupt niet wegneemt dat Solid over een volgende iteratie van het web gaat: Web 3.0. Wat anders is, omdat er gebouwd wordt bovenop wat al bestaat. “Het breidt de mogelijkheden van het internet uit en vult enkele hiaten op.”
Dit artikel verscheen eerder in het decembernummer van Emerce Magazine #193.

Lees hier het bericht